Als zeiler heb je met veel verschillende lijnen aan boord te maken. De vallen, schoten en bijvoorbeeld landvasten hebben allemaal hun eigen functie en dus ook hun eigen knopen die allemaal een ander doel hebben. Als beginnend zeiler raak je al snel de kluts kwijt en zie je door de bomen het bos niet meer. Deze vier knopen zijn een zeilers beste vriend en zorgen ervoor dat je overweg kunt met elke soort val, schoot of landvast aan boord.

Kikker beleggen

Een van de knopen die je op een zeilboot het vaakst zult gebruiken is eigenlijk geen echte knoop. Op veel plekken aan boord kun je ‘kikkers’ vinden. Onder andere de vallen worden na het hijsen van de zeilen in veel gevallen op een kikker vastgezet. Het is een gemakkelijke manier om een lijn onder spanning vast te zetten. Je kunt een lijn vastzetten op een kikker door telkens een lus om de uiteinden te halen. Na twee lussen eindig je met een gedraaide lus waardoor de lijn zichzelf vastzet. Je knoop ziet er uit als een ‘8’ vorm.

Mastworp

De mastworp wordt vooral gebruikt voor het beleggen van landvasten op bolders of voor het vastmaken van lijnen aan de mast. Door kracht op de lijn te zetten trekt deze zichzelf vast. Begin door het uiteinde van de lijn om de mast te slaan. Sla het uiteinde nogmaals om de mast en steek deze onder de lus door. En voila, een mastworp.

Paalsteek

De paalsteek wordt gebruikt om een niet-dichtschuivende lus in en lijn te maken. De knoop kan handig zijn om in een landvast te leggen en deze over een bolster of paal te leggen. Bepaal eerst de grootte van de lus die je wil maken. Maak een kleinere lus in de lijn en haal het uiteinde van de lijn door deze lus. Haal het uiteinde achterlangs door de lijn en steek hem terug door de lus.

Platte knoop

De platte knoop wordt gebruikt om twee lijnen van eenzelfde dikte aan elkaar vast te maken, zo kun je van twee korte lijnen één lange maken of knoop je een sleeplijn aan elkaar. Maak met de ene lijn een simpele lus. Het uiteinde van de andere lijn steek je door de lus en haal je achterlangs het lange gedeelte van de lijn. Haal de lijn vervolgens bovenlangs het korte gedeelte, onderlangs terug door de lus en kruis deze met dezelfde lijn.

Schootsteek

Een schootsteek daarentegen is om twee lijnen van verschillende diktes aan elkaar te verbinden. Maak met de dikkere lijn een losse lus. Haal de dunnere lijn er vervolgens tussendoor en wikkel deze tweemaal onder zichzelf door om de bredere lijn heen. Dit is de dubbele schootsteek, als je de dunnere lijn er eenmaal omheen slaat is dit de klassieke schootsteek.

Animaties via.

Laat een Reactie achter

  1. Albert

    De bewegende illustratie bij platte knoop is niet juist.
    Een zgn. ‘oude wijven knoop’ wordt daar weergegeven, ofwel een foutieve platte knoop.

    gr,
    Albert